|
1. Competentiemodel
“De Stal” baseert haar werkwijze op het competentiemodel. Dit model gaat er vanuit dat kinderen, om aan bepaalde leeftijdsgebonden “taken” zoals samenspelen te kunnen voldoen, moeten beschikken over een minimum aan vaardigheden. Soms beschikt een kind niet over de benodigde vaardigheden. Als hij bijvoorbeeld niet weet hoe je iemand moet vragen om samen te spelen, kan dit ook niet in praktijk gebracht worden. “De Stal” helpt kinderen bij het aanvullen van hun pakket vaardigheden. Dit doet zij door middel van het in kleine groepjes ondernemen van activiteiten in de natuur en activiteiten met dieren.
2. Integratie
“De Stal” ziet graag dat kinderen binnen hun eigen mogelijkheden mee doen in de maatschappij. Om deze reden is er voor gekozen kinderen onderdeel te laten zijn van het leven op de kinderboerderij. Ontmoet het kind een leuke vriend, dan worden ze geholpen samen een spel te bedenken! Wil een bezoeker een rondje op de pony rijden en vindt één van onze kinderen het leuk om dat te begeleiden? Dan regelen we dat! Begrip voor en over elkaar zal een positief samenzijn versterken. Daarnaast zal een kind positiever over zichzelf gaan denken als hij merkt dat zijn bijdrage aan de boerderij waardevol is en gewaardeerd wordt.
3. Zelfredzaamheid
Als een kind ontdekt dat hij iets zelf kan dan zal dit een positieve bijdrage leveren aan het zelfbeeld van het kind. Kinderen met ontwikkelingsproblematiek hebben vaker moeite om tot deze zelfstandige houding te komen dan kinderen zonder deze problematiek. “De Stal” creëert voor ieder kind taken die haalbaar zijn en toch een bepaalde mate van uitdaging bevatten. Het doel hierbij is kinderen op een zo zelfstandig mogelijke wijze te laten functioneren en verantwoordelijkheden te geven. De benodigde vaardigheden worden in kleine stapjes geoefend.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
WERKWIJZE
1. Leerdoelen
Tijdens het intakegesprek worden in overleg met ouders en het kind individuele leerdoelen bepaald. Aan deze leerdoelen wordt gedurende de begeleidingen met het kind gewerkt. Voor het behalen van een leerdoel kan het kind een (liefst immateriële) beloning verdienen welke in overleg met ouders wordt vastgesteld. Hierbij kan gedacht worden aan langer voorlezen voor het naar bed gaan, een spel spelen, samen een taart bakken, picknicken in het bos. Daarnaast is er sprake van groepsdoelen, waarvoor de kinderen gezamenlijk een groepsbeloning kunnen behalen (bijvoorbeeld een activiteit die ze graag willen).
2. Leersituaties
Bij aankomst wordt met het kind besproken op welke manier hij die dag aan zijn leerdoel gaat werken. Tijdens de groepsbegeleidingen worden voor ieder kind per dag minimaal twee momenten van elk maximaal twintig minuten gecreëerd, waarin ze dit kunnen doen. Naast deze vaste leersituaties wordt gedurende de rest van de dag ieder kind gestimuleerd op positieve wijze mee te doen in de groep. Wanneer een kind positief groepsgedrag laat zien wordt dit beloond door o.a. complimenten en de bijdrage die het kind levert aan het behalen van de groepsbeloning.
3. Persoonlijk schrift
Ieder kind krijgt bij binnenkomst bij “De Stal” zijn eigen map. Hierin worden de ontwikkelingen van het kind inzichtelijk bijgehouden en kan het kind eventueel zijn eigen verhaal kwijt. Ook kunnen foto’s van activiteiten ingeplakt worden. Wanneer een kind aan een wekelijkse club of een vast maandelijks logeerweekend deelneemt, zal een bladzijde mee naar huis gaan waarop het kind krullen van ouders kan verdienen. Op welke manier dit verdiend kan worden wordt vooraf met ouders en kind besproken. Op deze wijze probeert “De Stal” generalisatie van de geleerde vaardigheden te bewerkstelligen.
4. Contact met ouders
Het eerste contact met ouders vindt plaats gedurende het intakegesprek. Mocht blijken dat het kind op zijn plaats is bij “De Stal”, dan zal na iedere begeleiding een korte mondeling overdracht aan ouders gegeven worden over het verloop van de dag. Daarnaast vindt aan het einde van het kwartaal een evaluatiegesprek met één of beide ouders plaats, waarin gekeken wordt naar de ontwikkeling van het kind in de afgelopen periode. Tevens worden eventuele nieuwe leerdoelen opgesteld. Tot slot bestaat tussendoor altijd de mogelijkheid om herindicatie- of evaluatieverslagen te ontvangen of een voortgangsgesprek te hebben.
5. Dieren en Natuur
“De Stal” heeft de overtuiging dat voor veel kinderen de aanwezigheid in de natuur en het bezig zijn met dieren (met name paarden) een opening kan zijn om tot verdere ontwikkeling te komen. Dit kan een ontwikkeling op het sociale, emotionele, cognitieve en/of motorische vlak zijn. Voorbeelden van activiteiten die ondernomen worden zijn het samen schilderen van een pony met vingerverf, het bouwen van een hut in het bos, het koken van een maaltijd met groente uit de moestuin of het voeren van de dieren.
|